Over het lezen van de Bijbel.

Aangepast 1-11-2021 Correcties van typefouten en enkele stijl aanpassingen

Introductie

Als gewoon 21ste eeuws christen behoor ik niet tot het uitgelezen gezelschap van theologen dat een uitvoerige kennis heeft van het Bijbelse Grieks en het Bijbelse Hebreeuws en moet ik het doen met vertalingen van de Bijbel in Nederlands, Engels en Duits.

Voor mij is de Bijbel het door God geinspireerde handboek is om een holistische invulling te geven aan het leven, dat betekent ook dat  de oorspronkelijke teksten en de latere redactie van die teksten door God geinspireerd moeten zijn ongeacht of er verwantschap bestaat met mythologische vertellingen  in de periode dat de Bijbel ontstond.  Dat geldt des te meer voor zaken in de Bijbel die we niet begrijpen of met onze kennis kunnen verklaren.  Nog steeds worden ontdekkingen gedaan die een nieuw licht werpen op  concepten die in de Bijbel benoemd zijn.  

In dit artikel ga ik in op de uitdagingen die ik heb ervaren bij het gebruik van  Bijbelvertalingen.

Vertalingen

Over vertalen


In elke taal zijn er meerdere vertalingen en ik vroeg me af hoe het komt dat vertalingen naar aard soms zo verschillend kunnen zijn. Ik weet niet meer wat mij precies bij welke zinsneden opviel toen ik geconfronteerd werd met verwijzingen naar twee oude vertalingen. De ene is de oude King James Vertaling, de ander is de oude Staten Vertaling. Ik ontdekte een verschil in sfeer, dus ging ik verder lezen. Ik kan mijn vinger er niet goed opleggen maar ik kreeg steeds duidelijker het gevoel dat de King James de koninklijke/patriarchale status meer ondersteunde dan de Staten Vertaling. Het ging om woordkeuzen die de sfeer bepaalden. Beide vertalingen stamden uit ongeveer dezelfde tijd en konden over dezelfde bronnen beschikken. Waarom drong die gedachte zich dan op bij het lezen en de twee verschillende beelden en mijn gevoelswaarden zich konden ontwikkelden?

Lag het aan de keuze door de opdrachtgever van de theologen die de vertaling uitvoerden of gewoon aan de volksaard van de vertalers? Op zich niet zo belangrijk om te onderzoeken. Maar het legt de vinger wel op een belangrijk punt.

  • Waarneming 1: Er zijn verschillen in vertalingen van de Bijbel. Schijnbaar is de achtergrond van de vertalers ook belangrijk bij het vertalen van de Bijbel.
  • Waarneming 2: Een vertaling hoe nauwkeurig ook uitgevoerd is dus nooit de perfecte weergave van het origineel.

In mijn werk als vrijwilliger bij Vluchtlingenwerk word ik geconfronteerd met de gevoelswaarde van woorden en uitdrukkingen. Die is gewoon niet uit te leggen in eenvoudige taal. Elke taal en elke (sub)cultuur heeft niet uitlegbare gevoelswaarden bij bepaalde uitdrukkingen. Zo is het Nederlandse begrip gezelligheid niet te vertalen naar Engels, noch naar het Duits. De vertaalwoorden zijn het net niet, al wordt je daar pas mee geconfronteerd als je het Duitse (gemütlichkeit) of Engelse (cosey) aan den lijve ondervind. Het is het allemaal net niet.

  • Waarneming 3: Begrippen zijn soms zo taal/cultuur specifiek dat ze niet goed te vertalen zijn.
  • Waarneming 4: Bij een vertaling moet altijd gekozen worden om de beste uitdrukking in de doeltaal te vinden. Vaak zijn meerdere opties mogelijk. ( Eenmaal gekozen opties in het begin kunnen de opties in latere delen van de vertaling mogelijk zelfs beperken opdat de vertaling consistent blijft).

Over taalgebruik

In een taal verdwijnen woorden (wie weet nog wat een mangelkamer is of wat een kantonnier deed), er komen jaarlijks nieuwe woorden bij waarvan slechts een deel langer dan 10 jaar in gebruik blijft. Soms worden ze vanwege een klankassociatie decennia later weer opgepakt met een geheel andere betekenis. Woorden en uitdrukkingen krijgen er in de loop der tijd betekenissen bij (“dat is vet” betekende 50 jaar geleden dat er veel overdadig vet aan vlees zat, rond de millenniumwissel vooral dat de vette gebeurtenis een hoge waardering kreeg) of er vallen betekenissen weg (De betekenis ontzag in het woord vrees/vreze kennen we niet meer in het actieve taalgebruik, maar komt veelvuldig voor in de oude Staten Vertaling). Nu ik het toch over betekenissen heb, de betekenis is ook nog eens afhankelijk van de omgeving waarin het woord gebruikt wordt (een gaffel heeft voor een zeiler --onderdeel van het zeilschip -- een andere betekenis dan voor een jager --geweivorm van de reebok-- of een landbouwer, die bedoelt er een speciaal stuk gereedschap mee dat gebruikt wordt in de handmatige hooioogst). Herkennen van de context en kennis van de context is dus nodig voor een goede interpretatie. Dit laatste dus zowel over de context van de bron als de context van het doel van de vertaling. Ook in de oude Hebreeuwse taal zijn woorden en hun betekenis verdwenen zoals Robin Galagher Branch beschrijft in een artikel over de Rechter Deborah. Daardoor zouden er veel verschillende vertalingen en uitleggingen zijn van het loflied van Deborah

  • Waarneming 5: Begrippen zijn niet alleen taal/cultuur specifiek, maar hun betekenis verandert ook nog eens in de tijd en is daarbij afhankelijk van de omgeving (=context gebonden). Veel begrippen raken in de vergetelheid en hun oorspronkelijke betekenis kan niet meer getoetst worden.

In Nederlandstalige vertalingen valt ook op hoezeer de vertalingen in woordkeus verschillen. Dat heeft niet alleen te maken met de doelgroep waarvoor de vertaling is gemaakt, maar ook met de interpretatie van de teksten door de vertalers.

In een vertaling die zo dicht mogelijk blijft bij de oorspronkelijke taal waarin de Bijbel geschreven werd ligt de nadruk vooral op de oorspronkelijke betekenis van de tekst zoals de vertalers die interpreteren. De eerder genoemde waarnemingen 1 tot en met 5 zijn van grote invloed op het resultaat van ao'n vertaling (zoals mag blijken uit de vele opties die er zijn om Romeinen 8:25 te vertalen- daar kom ik in een later artikel nog wel op terug- ). Vertalingen die zo dicht mogelijk bij de brontekst blijven worden ook aangepast aan het gangbare taalgebruik (bijvoorbeeld de NBG vertaling van 1951 en de NBV vertaling van 2004 of de Herziene Statenvertaling uit 2010 naast de eerdere versies). Daarnaast zijn er vertalingen speciaal gericht op het taalgebruik van een doelgroep zoals de Bijbel in straattaal, de BasisBijbel, de Bijbel in de gewone taal, en de GrootNieuwsBijbel. Het is vaak moeilijk om te communiceren over Bijbelgedeelten als de gesprekspartners alleen over één vertaling beschikken. Dan is er iemand nodig die als “tolk” kan optreden.

  • Waarneming 6: Het gebruik van aangepaste woordkeuze en zinsopbouw in een Bijbelvertaling kan leiden tot de spraakverwarring die ontstaat in de communicatie als andere mogelijkheden voor een vertaling niet worden herkend of erkend.

Er zijn ook geparafraseerde vertalingen, dat zijn vertalingen waarbij de complexiteit van het taalgebruik wordt gereduceerd door een verhalend navertellen van de moeilijk gedachte vertaling. Deze vertalingen bevatten nog meer dan de andere vertalingen elementen van interpretatie door de vertalers. Aardig om te lezen, maar een dergelijke vertaling kan de andere vertalingen niet vervangen in een serieuze bestudering van de Bijbel omdat de vertaler in het navertellen een te belangrijke rol heeft in de presentatie van de kernwaarden uit de afzonderlijke verhalen.

Over de logica in het taalgebruik

Graag zou ik het bij het voorgaande laten, maar er is nog een grote uitdaging voor Bijbelvertalers en Bijbellezers. De moderne westerse mens is in zijn denken het product van de Grieks Romeinse grondslagen voor taalgebruik en logica. De echte experts daarin zijn de filosofen, waarbij de theologen zijn gespecialiseerd in de filosofieën over godskennis. Het gaat daarbij om de juiste en zeer verfijnde toepassing van de regels van de logica. Die regels zijn volledig gebaseerd op de Grieks-Romeinse manier van denken. Kort door de bocht zijn filosofen (en theologen) niet meer dan sublieme programmeurs en analisten in de vocabulaire en grammatica van de logica. Helaas kan het juist toepassen van de regels van de logica tot grote onwaarheden in de echte wereld leiden.

In mijn jonge jaren mocht ik een uitgebreide stage genieten bij één van de beste paardrij instructeurs van Nederland. Op een avond nodigde hij een aantal jongelui uit aan de grote tafel in de kantine van de manege. We spraken af dat we tijdens het gesprek niet onder de tafel zouden kijken naar de kleur van onze rijlaarzen (zwart). Het betoog begon met deze constatering, door toepassing van de logica en regelmatige bevestiging van de conclusies bleek na een half uur dat we witte laarzen aan zouden hebben.

  • Waarneming 7: Strenge toepassing van de regels van de logica kan leiden tot conclusies die niet in overeenstemming zijn met de fysieke werkelijkheid.

In de discussies die ik lees zie ik veel argumentaties en weerleggingen van argumentaties langskomen die best wel knap in elkaar steken, maar een levend praktisch beleven en het beleven van de christelijke basisprincipes dood argumenteren. Kort door de bocht zijn deze min of meer slimme tot uiterst slimme argumentaties in tegen spraak met het uitgangspunt dat Jezus zelf gaf: “Leer geloven als een kind”.

Over verschijningsvorm en functie in brontaal

Invalshoek 1 :Als de verschijningsvorm van een ding verandert dan  verandert dat ding.

Een vraag die de oude Grieken reeds bezig hield was of een rivier op punt X (bijvoorbeeld de Rijn bij Basel) dezelfde zou zijn als de rivier op punt Z (bijvoorbeeld de Rijn bij Lobith). Hun  conclusie is NEE, want de Rijn bij Lobith is bijvoorbeeld veel breder en verwerkt veel meer kubieke meters water per tijdseenheid dan de Rijn bij Basel. Ook is de samenstelling van het water in de rivier anders. Een expert zou nog veel meer eigenschappen kunnen opnoemen waarom de Rijn bij Lobith anders is dan de Rijn bij Basel. En toch…. Het is nog steeds de Rijn, hoe klein moet de afstand tussen X en Z dan wel zijn opdat de rivier dezelfde is?

?? waar ligt de grens voor die verandering ??

Invalshoek 2: De functie van een ding is constant ongeacht de verschijningsvorm.

Als je de functie van een fenomeen kent leer je hoe die is ingepast in een samenhang van processen en ontdek je stukje bij beetje wat de impact van dat ding is in een al omvattend (holistisch) wereldbeeld.

Een rivier heeft een belangrijke functie in de kringloop van watermoleculen over de aarde. Die verdampen aan wateroppervlakten en stijgen in warme lucht als gas omhoog waar ze afkoelen en condenseren tot wolken met hele fijne waterdruppeltjes (zoals mist). Als de temperatuur in de wolk zakt klonteren de kleine druppeltjes samen tot regendruppels (soms in de vorm van sneeuw en hagel) en vallen op het aardoppervlak. Door hoogte verschillen in het aardoppervlak worden de wolken verder omhoog gedreven naar koudere luchtlagen waarbij meer water op het aardoppervlak valt. Zodra het water op het aardoppervlak valt lossen er mineralen in op. De rivier verzamelt water uit hoog gelegen gebieden. Water waarin de verschillende materialen drijven, deels opgelost (mineralen) en deel als vaste materie (stenen, hout, modder). De rivier transporteert deze materialen naar lager gelegen gebieden. De materialen zinken naar de bodem en veranderen die bodem waardoor die het aardoppervlak ter plaatse verrijkt en tenslotte levert de rivier het water (met het resterende materiaal) af aan de zee. Daarnaast levert rivier door verdamping waterdamp af dat als dauw de begroeiing bevochtigt. De rivier geeft woonruimte en eetruimte voor tal van organismen.

Waarneming 8: Hoewel een fenomeen in verschijningsvorm kan veranderen verandert de de holistische functie voor het geheel van de schepping niet.

Over het fundament onder de taal.

Bij waarneming 8 hebben we gezien dat er twee benaderingen zijn om een fenomeen te beschrijven. Dat zijn ook de twee fundamenten die van belang zijn bij het lezen van de vertalingen van de Bijbel die ik kan lezen. Dit neemt niet weg dat er misschien meer fundamenten zijn waar talen op gebaseerd zijn.
Voor de uitdagingen waar vertalers voor staan die de Bijbel vertaald hebben in de talen die ik kan lezen zijn de volgende fundamenten voldoende.

  • Het ene is het fundament onder onze westerse talen. Dat fundament bestaat uit het beschrijven van dingen door het opsommen van eigenschappen waaraan je dat ding herkent.
    • Zo herken je een fenomeen als een boom aan het feit dat er een houten stam uit de oorsprong op rijst en dat deze stam takken heeft waaraan weer takken zitten. De takken kunnen kaal zijn maar er kunnen ook bladen of naalden aan zitten, ze zijn in elk geval kleiner in omvang dan de stam. De boom onderscheidt zich van de struik doordat bij een struik meerdere gelijkwaardige houten stammetjes uit de oorsprong oprijzen. De takken aan deze stammetjes zijn in omvang vaak gelijkwaardig aan de stammetjes waar ze aan vast zitten.
  •  Het andere is het fundament onder Semitische talen zoals het Bijbelse Hebreeuws en het Aramees. Dat fundament bestaat uit het beschrijven van functies die het ding heeft.
    • Een boom heeft als functie schaduw te geven, vrucht te dragen, etc. De stam van de boom heeft als functie om de takken steun te geven en water en voedingstoffen naar de bladen te transporteren en de energie die  de bladeren opvangen te verdelen en op te slaan. De functie dat de stam steun moet geven blijft bestaan ook als de stam wordt gekapt en daarna gebruikt wordt in constructies. Stam zou dus een synoniem kunnen zijn voor andere begrippen die deze functie ondersteunen zoals voor sterkte, steun (en toeverlaat), bint, weergegeven in de oude Hebreeuwse teksten. Een inleiding vind je hier

Als lezer van een vertaling heb ik te maken met teksten die op basis van een functionele beschouwing zijn opgetekend en aan mij worden gepresenteerd in een taal die is gebaseerd op het beschrijven van een beschrijvingsvorm.

Waarneming 9: Interpreteren van zelfstandig naamwoorden in functies van dat fenomeen binnen de context van het Bijbelverhaal en de hele Bijbel geeft een dieper inzicht in de bedoeling van het gebruik van dat zelfstandig naamwoord.

Beter dan ik daarover kan uitweiden heeft Brad Scott daarover geschreven in 12 lessen.  Ik adviseer een ieder om deze lessen aandachtig te bestuderen. Ook als je tot de conclusie komt dat je het niet helemaal met hem eens kunt zijn openen deze lessen een breder beeld voor jouw interpretatie van de Bijbel.

Verhalen

Hoe verhalen ontstaan


Ieder ervaart een gebeurtenis op eigen wijze.

Onlangs mocht ik (ongewild) moderator zijn in een gesprek tussen twee tachtig plussers (broer en zus) die voor het eerst sinds ongeveer 70 jaar over hun logeervakanties bij opa en oma spraken. Twee totaal verschillende verhalen van twee mensen die door de omstandigheden uit elkaar waren gegroeid maar nu even de tijd vonden om verhalen met elkaar te delen en naar elkaar te luisteren.
Dat bracht mij er toe om ook goed op te letten bij de verhalen van mijn broer, zus, mij en onze moeder over onze gezamenlijke geschiedenis.

Ik observeerde tijdens de gezinsweekenden met onze kinderen de verhalen die zij elkaar over ervaringen vertelden toen zij nog thuis woonden. Bij sommige verhalen moet ik erkennen dat ik mijn eigen verhaal er niet in herkende.

Ik kwam tot de volgende waarneming

  • Waarneming 10: Iedereen ervaart een gebeurtenis in zijn leven op zijn eigen wijze en vormt daarover zijn eigen verhaal. Soms lijken de verhalen zelfs tegenstrijdig.

Dat verklaart volgens mij waarom de verhalen in de Bijbel staan. Ze vertellen over gebeurtenissen die op verschillende wijze ervaren zijn en dus nooit tegen elkaar uitgespeeld mogen worden. Ze zijn waar en vullen elkaar aan ook al lijken ze tegenstrijdig.

Bijbel verhaalt multidimensioneel.

Als ik een foto maak van de tuinzijde mijn huis kan ik zeggen dit is mijn huis. Als een bezoeker met deze foto de straat waar ik woon binnen komt zal hij mijn huis niet vinden. De straatzijde ziet er heel anders uit. Als ik vertel hoe mijn huis er uit ziet hangt dat dus af van de positie die ik in neem ten opzichte van dat huis.

Ik kwam tot de volgende waarnemingen

  • Waarneming 11: De invalshoek van waaruit ik gebeurtenis/situatie zie bepaalt de wijze waarop ik de gebeurtenis/situatie beschrijf.
  • Waarneming 12: De toename van de beschikbaarheid van het aantal invalshoeken van waaruit de gebeurtenis wordt beschreven zal het mogelijk maken om een beter totaalbeeld van de gebeurtenis te vormen.

Dit is voor mij een bevestiging van de conclusie die ik bij waarneming 10 optekende.

Precies.   De Bijbel is dus niet geschreven door een(1) persoon vanuit een(1) invalshoek of vanuit een(1) wereld/gods beeld.  Daarom geeft de Bijbel een levendig getuigenis van de relatie tussen God en de mens en in het bijzonder van de relatie tussen God en het volk van Abraham, Izaak en Jacob. Zowel vanuit de optiek van God als vanuit de optiek van de vele personages die in de Bijbel voorkomen. Daarom kunnen er schijnbaar tegenstrijdige teksten in de Bijbel staan als je ze geïsoleerd uit hun samenhangende verhaal tegenover elkaar zet. De teksten in de Bijbel komen alleen tot hun recht als je je als lezer kunt verdiepen in de historische context van de verhalen en de verhalen leest in samenhang met andere verhalen.

Beschrijving vanuit uit de marge van de wereldheersers.

Sinds de overwinningen van de Griek Alexander de Grote op de Syrische en Babylonische volkeren zijn de leiders van die volkeren subtiel vernederd en afgedaan als minderwaardig. Veel merktekens van hun grootsheid werden tenslotte vernield. Hoe wonderlijk is het dat de Bijbelse vertellingen over de grootsheid van de Babylonische keizers zijn blijven staan en stukje bij beetje bevestigd wordt door reconstructies van de kleitabletten uit de ruïnes van de bibliotheken van de overwonnenen.

  • Waarneming 13: De aan ons geleerde “objectieve” geschiedschrijving over historische ontwikkelingen is veelal getekend door niet objectieve bronnen namelijk het belang dat de leidende klassen hadden bij het optekenen van de ontwikkelingen. In veel van die ontwikkelingen leefde het Joodse Volk dat de Bijbelse verhalen optekende in de marges van de geschiedenis.

Van communiceren wordt wel gezegd  dat je bij communceren  zo dicht mogelijk kangs elkaar heen praat. In de communicatie ontstaat altijd ruis ongeacht de technieken die de communicatie wetenschap geeft, waarbij de zender kan controleren of de boodschap goed is begrepen.  Bij de vertalingen van geschreven teksten uit een lang verleden kan de zender niet neer controleren of de boodschap goed is begrepenen en zal de ruis toenemen met een grotere kans op mis-interpretaties.  Voeg daarbij het veranderen van betekenissen in de tijd en de verschillende fundamenten onder de taal en je begrijpt dat het lezen van de Bijbel iets anders is dan het lezen van een roman of het studeren uit een  studieboek.

Verwerk vertalingen

Modern onderzoek en Bijbelse vertelling.

Door opgravingen en de analyses van oude natuurkundigeverschijselen komen we steeds meer te weten en is het mogelijk steeds meer reconstructies te relateren aan Bijbelse verhalen.

Voor de tocht door de Rietzee (ook Schelfzee of Rode Zee) lijkt God een natuurlijke catastrofe gebruikt te hebben. Hoewel geen 100% zekerheid kan worden gegeven lijkt het plausibel dat de doortocht door de Rietzee samen viel met de ontploffing van de vulkaan op het eiland Thera. Door de enorme Tsunami trok het water zich eerst terug en sloot het zich later weer. Ook de rookkolom overdag en de vuurkolom ‘s nachts zouden een link naar deze catastrofe kunnen zijn. Zie ook:

  • Waarneming 14: Verhalen in de Bijbel blijken soms merkwaardig goed te plaatsen binnen een natuurhistorische context

Salomo beschikte over zeer veel goud. De expedities om dit goud op te halen duurden ca 3 jaar.
In Brazilië zijn mogelijk inscripties gevonden die een verrassende gelijkenis hebben met de Bijbelteksten in 1 Koningen 9:26-28 en 1 Koningen 10:11-12. Bij onderstaande links teken ik aan dat ontdekkingen die niet passen in de bestaande theorieën worden ontkent, maar omdat noch de juistheid noch de onjuistheid kan worden bewezen acht ik het raadzaam de mogelijkheid niet te negeren. Veel andere onderzoeken wijzen in de richting van contacten tussen zeevarende volkeren over grote afstanden in Azie, Oceanie en Zuid Amerika
In Weet magazine
In Biblical archaeology
Een tegengeluid

Nieuwe ontdekkingen en bestaande interpretaties.

Regelmatig worden bij opgravingen spullen gevonden die een nieuw of meer gedetailleerd inzicht geven in historische gebeurtenissen. Soms zijn die inzichten schokkend, soms verhelderend, maar altijd zijn ze omstreden omdat ze uitdagen ons beeld van de verhalen in de Bijbel te herzien.

  • Waarneming 15: Het is soms nodig om gangbare interpretaties van de verhalen in de Bijbel te evalueren bij nieuwe historische ontdekkingen

Bijbel laten buikspreken


Velen lezen meer in de Bijbel dan er staat. Dat komt omdat we vanuit onze traditie en hetgeen onze leraren ons vertelt hebben een beeld hebben gevormd bij de Bijbelse verhalen en we andere dingen in de Bijbel lezen dan er staat in de teksten die ons ter beschikking staan.
Drie voorbeelden

  1.  Klopt het dat je gedoopt moet zijn en getuigenis moet geven van je overgave aan de Heer en dat je belijdenis gedaan moet hebben van je zonden om gered te kunnen worden ?
    • Er is één belangrijk voorbeeld waarin Jezus aangeeft dat dat niet nodig is. Lees maar eens wat Hij tegen de misdadiger zei die naast Hem gekruisigd werd. Die was niet gedoopt, deed geen belijdenis van zonden. Hij erkende alleen de rechtvaardigheid van zijn straf en de onrechtvaardigheid van de kruisdood van Jezus.
  2.  Klopt het dat de Bijbel zegt dat de schepping in 6 etmalen is voltooid zoals de tradities het scheppingsverhaal uitleggen en door niet christenen wordt gebruikt om de Bijbel belachelijk te maken.
    • Dat zou kloppen als de cyclus van dag, avond, nacht en ochtend slechts begrensd worden door de tijdrekening van het etmaal. De zwarte dagen in de geschiedenis vertellen ons echter dat een etmaal geen synoniem is voor de dagcyclus in historische verhalen. Was dit wel het geval dan duurden de zwarte dagen van het nazi regiem, het stalinisme en het maoïsme en het slavernij verleden in de Amerika’s slechts een etmaal.  Hie kan het dan zijn dat ze gedeeltelijk overlappen.
  3.  Klopt het dat Jezus werd gedoopt door onderdompeling?
    • In de beschikbare vertalingen staat dat Jezus opkwam uit het water toen hij gedoopt werd, niet dat hij kopje onder ging.
    • Omdat Jezus erkend werd as Rabbi is het wel aannemelijk dat Hij volledig omspoeld werd door het stromende water van de Jordaan. Daarom is het goed om te weten:
      • De doop in de Hebreeuwse context was een reinigingsritueel waarbij het gehele lichaam omspoeld moest worden door stromend water. Deze rituele handeling was als Rabbi nodig bij het aangaan van een nieuwe fase in de bediening. 
      • De rituele doophandelingen waarbij de dopeling wordt vastgehouden is in elk geval geen juiste weergave van de doop van Jezus in de Jordaan.
      • Er moest wel een gekwalificeerd getuige zijn.(Johannes de Doper was door afstamming een gekwalificeerd getuige). Dit ritueel was ook nodig voordat je kon beginnen aan een nieuwe bediening binnen de toenmalige Joodse traditie.
    •  Wij weten niet hoe hoog het water in de Jordaan was ten tijde van de doop van Jezus. Misschien kon Jezus niet eens “kopje onder gaan”.  Ook de Jordaan kende perioden waarin er maar weinig water in de rivierbedding stond en je slechts tot enkels of knieën in het water kon gaan, vooral bij de doorwaadbare plaatsen. De getuigenissen in de beschikbare vertalingen geven geen uitsluitsel.
    • Jezus was in de eerste plaats een Jood die zich in alle redelijkheid hield aan de Joodse regels begrensd door de Thora. In mijn studie over de doop kom ik hier tzt  uitgebreid op terug.
  • Waarneming 16: Bij het lezen van de Bijbel zijn we beïnvloed door hetgeen ons in de traditie is geleerd waardoor we beelden in de Bijbel lezen die er niet staan, dat noemen we het buikspreken van de Bijbel.

De tijdrekening


In verhalen die we delen en boeken die we lezen worden veel woorden ruimer gebruikt dan in hun enge exacte betekenis.

  • Een gouden eeuw is geen afgebakende eenheid van exact honderd jaar. Met een gouden eeuw wordt het hoogtepunt in de (culturele en/of economische en/of militaire) bloei van een stad(Praag) , bond (Hanzesteden), land (Holland, Engeland) bedoeld. Dit hoogtepunt duurt meestal enkele decennia (Holland / Praag) maar kan ook veel langer dan 100 jaar duren (Hanzesteden).
  • Een dag kun je definiëren als een tijdspanne in de geschiedenis die de functies opkomst, hoogtepunt en neergang omvat, benoemd als ochtend(dageraad), dag, neergang  en nacht. Ook kun je de dag definiëren naar verschijningsvorm etmaal = 24 uur = 24 x 60 minuten = 24 x 3600 seconden.
  • Een dag in de verhalende geschiedschrijving duurt geen etmaal (24 uur). Vooral de zwarte dagen (ook zwarte bladzijden genoemd) omvatten meerdere jaren (Nazi regiem, Stalinisme, Maoisme-de tijd van de Chineze culturele revolutie-, Apartheidregiem in Zuid Afrika) . Sommige van die zwarte dagen strekken zich uit over eeuwen (Slavernijverleden). Andere zwarte dagen vallen gedeeltelijk samen (Nazi regiem met Stalinisme of Stalinisme met Maoisme). Anders dan in gouden eeuwen omvatten de zwarte dagen de opkomst, het hoogtepunt en de neergang  van het fenomeen. Hier kunnen dat dus geen etmalen zijn die na elkaar plaats hebben gevonden.
  • Waarneming 17: Bijbelse terminologie wordt maatvoering vaak exact uitgelegd volgens de beschrijvende kenmerken terwijl die uitleg niet in overeenstemming is met functionele betekenis.

De Bijbel gebruiken


Het lezen van de Bijbel


Bij de bovenstaande waarnemingen heb ik al een aantal facetten genoemd waarmee bij het lezen van de vertaalde Bijbelteksten rekening kan worden gehouden. Hier ga ik in op de wijze waarmee je het Bijbellezen kunt plannen.

  1. Je kunt de Bijbel doorlezen volgens de methode van speed-reading. Dan lees je snel door de Bijbel heen van voren naar achteren, zonder ook maar even na te denken. Het lijkt er op dat je niet veel vasthoud. Het tegendeel is waar in je onderbewuste sla je meer op dan je beseft en je onderbewuste legt allerlei dwarsverbanden tussen de teksten Dit werkt goed in de meeste vertalingen.
  2. Je kunt de Bijbel ook genieten als kunst. Je raakt dan meer of minder onder de indruk van de schoonheid van het  proza. De Bijbel bevat naast mooie stukken proza ook bijzondere poëzie die je als zodanig kunt genieten  zonder je direct om de boodschap achter de tekst te bekommeren..
  3. De derde methode is de methode die over het algemeen onder Bijbelstudie wordt verstaan. Een afgebakende tekst wordt aandachtig bestudeerd, en  er wordt over gemediteerd.  Gerelateerde Bijbelteksten worden opgezocht.  Vaak is deze methode uitgebreid door te bestuderen wat anderen over de tekst hebben geschreven. Deze Bijbelstudie kan ook in groepsverband worden gedaan.
  4. In de vierde methode wordt een willekeurige tekst uit de Bijbel genomen waar gedurende een dag of langer regelmatig wordt nagedacht. Hieronder versta ik ook de verschillende bronnen van dagwoorden, dagteksten, etc.

Voor mij bestaat er niet één ideale methode. In de praktijk zal (vaak onbewust) een combinatie van methoden 3 en 4 plaats vinden.
Speed-reading is een bewuste keuze en vergt de nodige concentratie opdat ik tijdens het lezen niet ga nadenken over de tekst of mij beelden vorm naar aanleiding van de tekst. Ik scan  de tekst van de Bijbel eens in de twee jaar in enkele weken.
Daarnaast -aan het einde van de dag- lees ik de Hernhutter dagtekst om de dag te overdenken (metode 4). Dan verwonder ik me vaak hoe een dergelijke tekst een dag kan samenvatten. Soms wordt ik geraakt door de tekst en neem ik wat meer tijd en ga ik volgens methode 3 om met deze tekst.

In de groepen in onze gemeente wordt methode 3 toegepast en voor mezelf pak ik soms een onderwerp bij de kop en zoek ik in de digitale versies van de Bijbel op zoekwoord en verwante woorden. Meestal kom ik niet tot een bevredigende conclusie en leg ik het weer aan de kant, schijnbaar was de tijd nog niet rijp en worden veel halve overdenkingen in het onderbewuste opgeslagen en groeit de stapel kladjes met notities (waar ik overigens vrijwel niet meer in kijk).
Van methode 2 weet ik dat die wordt toegepast (vooral ook liefhebbers van literatuur die zich geen christen noemen). Sinds de kinder- en jeugdbijbel kom ik er niet meer toe.

Als ik bijvoorbeeld bij de tocht van de Israëlieten door de woestijn lees hoe omgegaan wordt met de tabernakel dan denk ik niet in de eerste plaats aan de boodschap in het verhaal. Dan zie ik die enorme logistieke inspanning die geleverd moet worden en kom ik niet  toe aan het vervolg van het verhaal. Ik kies dan dus beter voor een vorm die lijkt op speedreading om het hele verhaal te lezen.

Wel of niet markeren in de Bijbel


De Bijbel is allereerst een werkboek. Het staat je vrij om er markeringen in te maken of aantekeningen te schrijven in de marges. Velen maken dergelijke notities om herinnerd te worden aan hun ontdekkingen en als ze een gedeelte opnieuw ontdekken nog even terug te blikken. Anderen maken van hun Bijbel een kleurrijk mozaïek om uitdrukking te geven aan de speciale ervaringen bij het lezen van de passages. Dat werkt en is goed ook. De Bijbel is immers bedoeld als een werkboek, een verzameling proza en poëzie om mee te werken, te verwerken en uit te werken.
De mooiste Bijbels die ik ken hebben geen markeringen.  Het zijn de Bijbel van mijn pake (opa) en die van mijn moeder.  Bij die van pake ruik ik de roef van het oude skûtsje en denk ik de geur van de ruimtabak nog te ruiken ook. Die Bijbel ligt helemaal uit elkaar en ligt haast los in het stoffen omslag. Hij heeft een ereplaats in mijn studeerkamer. De trouwbijbel van mijn moeder hangt met plakband aan elkaar en is nauwelijks meer vast te houden. Beide Bijbels zijn gelezen, geleefd en doorleefd en ook nog eens “uitgeleefd”.  Zo horen ze ook te zijn na 60 of 70 jaar gebruik- tot op de vezel versleten-.

Ik zet geen markeringen of aantekeningen in mijn papieren bijbel, dat heeft niets te maken met het idee dat de Bijbel een heilig boek is. Ik wil gewoon niet herinnerd worden aan oude ideeën en de Bijbel iedere keer als nieuw open slaan. Nu met de digitale versies wordt de fysieke Bijbel eigenlijk alleen geopend in de sessies van speed-reading en de Bijbelstudie in groepen. In de andere leesmethoden heb ik graag een paar vertalingen naast elkaar op het scherm en een kladblokje met pen ernaast.